Voelen vissen pijn?

Tekst: Ton Dekker – Voorzitter Stichting Vissenbescherming

Inleiding

Do fish feel pain? is de titel van het in 2010 verschenen boek van Victoria Braithwaite. Misschien is dit voor veel mensen een vreemde vraag, want waarom zouden vissen geen pijn voelen? Pijn fungeert immers als waarschuwingsignaal dat er iets misgaat, zodat dier en mens de noodzakelijke tegenmaatregelen kunnen nemen. Toch zijn er ook veel mensen die denken dat vissen geen pijn kunnen ervaren en ze als gevoelloze voorwerpen behandelen. In dit boek wordt met deze misvatting grondig afgerekend. Het is een zeer boeiend boek voor iedereen die geïnteresseerd is in het welzijn van vissen.

Vraag naar pijnbeleving laat gesteld

In het wetenschappelijke onderzoek is de vraag naar de pijnbeleving van vissen pas vrij recent gesteld. Braithwaite wijdt een apart hoofdstuk aan de mogelijke oorzaken hiervan.

De belangrijkste oorzaak is volgens haar dat vissen zó anders zijn dan mensen, waardoor ze minder medegevoel of compassie opwekken dan vogels en zoogdieren. Het zou inderdaad veel helpen als de vissen, wanneer hen iets wordt aangedaan, konden schreeuwen zoals mensen en landdieren. Vissen schreeuwen echter niet als ze uit het water worden gehaald en als blokjes hout op de wallenkant of het scheepsdek worden gegooid.
Een bijkomende reden ziet Braithwaite in het feit dat vissen de oudste klasse (circa 450 miljoen jaar) van de gewervelde dieren vormen. Door wetenschappers zelf wordt ‘oud’ vaak nog volkomen onterecht gelijkgesteld met primitief en laag ontwikkeld.
Een ander interessant gegeven is de ontwikkeling van de wetenschappelijke belangstelling voor dierenwelzijn, die dateert van na 1950 en zich in de eerste decennia voornamelijk concentreert op de problematiek van de landbouwhuisdieren in de opkomende vee-industrie. Veel later, pas tegen het eind van de twintigste eeuw, ontstaat er een hiermee vergelijkbare industriële viskweek waar vissen op een zeer onnatuurlijke wijze worden gehouden. Dit vormt een prikkel voor het onderzoek naar vissenwelzijn.

Tenslotte wijst Braithwaite op de weerstand vanuit kringen van de populaire hengelsport tegen het welzijnsonderzoek bij vissen, omdat de resultaten hiervan deze hobby moreel onder druk zetten. Als het welzijnsonderzoek bij vissen laat zien dat vissen dieren zijn met gevoel en bewustzijn, dus pijn, angst en stress kunnen ervaren, dan heeft dat enorme consequenties voor zowel de commerciële visindustrie als de recreatieve hengelsport. Logisch dat de hengelsport niet op dit soort onderzoek staat te wachten.

Pijnproeven

Voor het beantwoorden van de vraag ‘Voelen vissen pijn?’ grijpt Braithwaite uitvoerig terug op haar eigen onderzoek dat ze de afgelopen tien jaar heeft verricht samen met Mike Gentle (University of Edinburgh). Dit onderzoek was gerelateerd aan de opkomst van de viskweek en richtte zich grotendeels op de vraag of vissen in staat zijn pijn te voelen als gevolg van verwondingen. Om dit te weten te komen moesten ze nagaan 1) of vissen zenuwvezels en zenuwreceptoren bezitten, 2) indien zo of deze actief reageren op temperatuur, schadelijke stoffen en verwondingen en 3) of de vissen zich ten gevolge van pijnprikkels anders gaan gedragen.

Microscopisch onderzoek wees uit dat vissen beschikken over zenuwvezels en zenuwreceptoren. Bij de onderzochte soort – regenboogforel – werden 58 receptoren op de kop geteld, waarvan 22 nociceptoren zijn die reageren op schadelijke invloeden (druk, temperatuur en chemische stoffen). De aangetroffen zenuwvezels komen in hun structuur en functies volledig overeen met die van zoogdieren en vogels.
In het vervolg van het onderzoek kregen de vissen onder narcose bijengif en azijn toegediend op hun nociceptoren. Ze reageerden hierop met een verhoogde kieuwslag van 50 naar 90 slagen per minuut. Dat komt overeen met de effecten van bijengif bij mensen. Ook de eetlust werd beïnvloed door het bijengif en de azijn. De vissen vertoonden pas na ongeveer 3,5 uur weer belangstelling voor voedsel. Bij de vissen van de controlegroepen, die geen azijn noch bijengif toegediend kregen, steeg de kieuwslag aanzienlijk minder en kregen de vissen al na een uur en twintig minuten hun eetlust terug.

Met deze experimenten was volgens Braithwaite echter nog niet wetenschappelijk aangetoond dat vissen pijn kunnen lijden. Verandering van ademhaling, kieuwslag en hongergevoel zouden ook als een reflexreactie kunnen worden opgevat.

Om pijnbeleving aan te tonen was het volgens haar nodig te laten zien dat het toedienen van bijengif en azijn een complexe gedragsverandering van de vis veroorzaakt, die niet als een onwillekeurige lichamelijke reflex beschouwd kan worden.

Hiertoe werd een onderzoek met forellen opgezet. Deze dieren reageren wantrouwig op nieuwe voorwerpen in hun omgeving. Als de vissen veel afstand houden tot een voorwerp, dan kan dat worden opgevat als een teken dat zij er een mogelijk gevaar in zien. Omgekeerd betekent het dicht benaderen van een voorwerp dus dat ze er geen gevaar in zien. Bij deze proef werden de forellen verdoofd, waarna ze net onder de huid ofwel een niet-werkzame zoutoplossing ofwel azijn geïnjecteerd kregen. Na het bijkomen werd er een nieuw voorwerp, een toren van legosteentjes, bij de vissen geplaatst. De vissen met de zoutoplossing bleven uit de buurt van de toren, de vissen die met azijn waren ingespoten waren veel minder bang en brachten ruim 30% van hun tijd door in de buurt van de toren. Dit duidt sterk op een onplezierig gevoel of pijn ten gevolge van de azijn waardoor de aandacht voor de omgeving wordt afgeleid.
Om hierover nog meer zekerheid te krijgen werd de vissen niet alleen een zoutoplossing of azijn, maar tevens een kleine dosis morfine toegediend. Bij mensen vermindert morfine de pijn. Bij de vissen kennelijk ook, want deze keer vertoonden ook de met azijn behandelde vissen weer hun gebruikelijk afkeer van het nieuwe voorwerp.

Lijden en bewustzijn

De vraag in de titel van het boek is hiermee naar mijn mening met ja beantwoord. Braithwaite stelt echter vervolgens, enigszins tot mijn verbazing, in een apart hoofdstuk met de vreemde titel Do the little fishes suffer? de vraag of vissen ook kunnen lijden: do they really feel the pain? Zij refereert hierbij aan discussies over lijden dat alleen mogelijk zou zijn als er sprake is van bewustzijn, een ingewikkeld begrip waarover ook veel meningen bestaan.

Het wordt echter een interessant hoofdstuk dat niet zozeer over het lijden gaat dan wel over verschillende aspecten van bewustzijn bij vissen. De hersenen van vissen vertonen qua structuur grote overeenkomsten met die van de andere gewervelde dieren. Bepaalde delen ervan vertonen dezelfde vermogens om te kunnen leren, gevaren te vermijden, emoties te verwerken en allerlei zaken in het geheugen op te slaan. Opvallend is de kracht en precisie van het geheugen van vissen. Braithwaite illustreert met talrijke voorbeelden.

Vissen maken in hun hersenen een driedimensionale kaart van de omgeving en vormen zich een beeld van individuele vissen, waarvan ze de kracht inschatten. Ze kunnen reageren op negatieve en positieve prikkels en hun gedrag daarop aanpassen. Hun leervermogen is groot, zo blijkt uit allerlei proeven. Sommige vissen kunnen ook goed met elkaar samenwerken om een beter vangstresultaat te behalen. Dit is bijvoorbeeld bij de grouper en de paling het geval. De grouper is een vis die heel snel achter zijn prooi kan jagen, maar wanneer deze zich in een rotsspleet verschuilt, kan de grouper hem daar niet volgen. Hij zoekt dan een aal in de buurt op en maakt deze op zijn manier via een reeks bewegingen met zijn kop duidelijk wat er aan de hand is. In de helft van de gevallen zwemt de aal dan met de grouper mee naar de plek waar de prooi in de rots verdwenen is. De grouper duidt soms weer met kopbewegingen aan waar de prooi precies in de rotsspleet verdwenen is. De aal gaat dan op zoek naar de prooi. In ongeveer de helft van de gevallen vindt de aal de prooi en eet die zelf op, maar ongeveer net zo vaak ontsnapt de prooi uit de rotsspleet, waarna hij alsnog wordt gepakt door de grouper.
Dit is niet het gedrag van dieren zonder bewustzijn. Deze vissen zijn ‘sentient beings’: ze beschikken over bewustzijn en gevoel. Ze kunnen pijn voelen en ze kunnen lijden, aldus Braithwaite. Zij voegt er nog eens nadrukkelijk de aanbeveling aan toe dat daarom voluit rekening gehouden moet worden met het welzijn van vissen.

Gewervelden versus ongewervelden

In het voorlaatste hoofdstuk Drawing the line onderzoekt Braithwaite of er een grens te trekken is tussen de vissen als dieren met bewustzijn en gevoel en de ongewervelde waterdieren zoals krabben, kreeften, inktvissen en garnalen.
Diverse onderzoeken laten zien dat deze dieren reageren op elektroshocks en chemische stoffen. Deze stoffen worden door garnalen en krabben duidelijk als zeer onaangenaam ervaren. Hun reacties kunnen niet worden weggezet als louter kortstondige reflexen. Braithwaite betwijfelt echter of de betreffende dieren pijn hebben gevoeld, want dan zouden ze in staat moeten zijn om emoties, gevoelens en zelfs zelfreflectie te ervaren, vindt zij.

Persoonlijk vind ik haar tegenwerpingen niet overtuigend. Als de krabben in een van de beschreven onderzoeken zich vanwege voorafgaande elektrische schokken zeer tegen hun zin en gewoonte buiten hun schelp, die hen tegen predatoren moet beschermen, begeven, dan moeten zij in de schelp wel degelijk iets onaangenaams hebben ervaren: pijn of iets wat er althans op lijkt. De discussie hierover verloopt stroef, omdat er over de hersenen van deze dieren nog steeds weinig bekend is.

Vissenwelzijn in de toekomst

Braithwaite werpt in het laatste hoofdstuk een blik in de toekomst wat de omgang met vissen betreft. Ze is aardig tevreden, naar mijn indruk zelfs wat teveel, over de aandacht voor het welzijn van vissen in de viskweeksector. Weliswaar zijn daar in het verleden grote fouten gemaakt, maar die zijn volgens haar zo veel mogelijk hersteld. Ze constateert dat verbeteringen heel moeilijk zijn door te voeren wegens gebrek aan wetenschappelijke kennis over allerlei zaken, waaronder de dichtheid waarin vissen worden gehouden.

Ook aan de hengelsport worden nog enkele grote woorden gewijd. Braithwaite voorziet dat die in de toekomst onder grotere maatschappelijke druk zal komen te staan, mede dankzij de toenemende kennis over vissen. Binnen de hengelsport ziet ze ook initiatieven om zorgvuldiger met vis om te gaan, al zet ze in het boek graag wel even twee misvattingen bij sportvissers over het aan de haak slaan van vissen recht. De eerste misvatting is dat de vis de haak niet voelt omdat hij zich met de haak in de bek zo krachtig van de visser af beweegt. Braithwaite legt uit dat het hier gaat om de fight or fly reactie bij gevaar waarbij de pijngevoeligheid bij mensen en dieren in noodsituaties naar een heel laag niveau daalt. Pijn in de bek is niets vergeleken met verlies van het leven. De tweede misvatting is dat de haak in de vis geen pijn veroorzaakt omdat vissen zich geregeld meerdere keren laten vangen. Uit proeven blijkt echter dat snoeken en karpers na een eerste vangst proberen de haak te vermijden. Ook hier geldt dat vissen vaak niet de luxe hebben om al te kieskeurig te zijn. Braithwaite laat in dit hoofdstuk verder een reeks problemen in verband met vissen de revue passeren, onder andere het doden van kweekvis en de vangst- en dodingmethoden in de zeevisserij.

Ik waardeer het ten zeerste dat Braithwaite er als wetenschapper niet voor terugdeinst een stevig pleidooi te houden voor het realiseren van vele verbeteringen in het vissenwelzijn. Het wetenschappelijke onderzoek dat zij beschrijft en ook zelf uitvoert kan sterk bijdragen aan een betere houding van mensen tegenover vissen en dus ook aan verbetering van hun levensomstandigheden. Dat hiervoor vissen als proefdier worden gebruikt en gedood is te betreuren, maar dat is weer een heel ander verhaal.

Dit artikel is gepubliceerd in 2011 in het magazine VISinZICHT. Bekijk hier het volledige magazine.


De website van de Vissenbescherming maakt gebruik van cookies. meer informatie

Voor een optimale werking van de website maken we gebruik van cookies. Als u beneden verder gaat op de website zonder uw cookie settings aan te passen, of u klikt op "Accepteer", dan betekent dit dat u het gebruik van cookies accepteert.

Sluiten