| Transgene vissen Interview Henk Jan Ormel, kamerlid CDA Interview met Henk Jan Ormel, kamerlid van het CDA (6 december 2003)CDA: Verbied invoer zwemmende monsters Den Haag - Een lichtgevende zebravis, een dalmatiër met rode stippen of een blauwe poes met witte vlekken? Genetische manipulatie van huisdieren maakt het op termijn allemaal mogelijk. Het lichtgevende visje bestaat inmiddels en is binnenkort in de VS te koop. Het CDA wil de import van deze zwemmende monstertjes van Frankenstein verbieden. De zebravisjes zijn gemanipuleerd door er genen van lichtgevende kwallen en zeeanemonen aan toe te voegen. ,,Deze GloFish is misschien een nietig diertje, maar het is het allereerste gemanipuleerde huisdier. Stel dat je straks het gen van een rode poon in een dalmatiër stopt, dan zou je in theorie ook een dalmatiër met rode stippen kunnen maken. The sky is the limit. Dat willen wij niet’’, zegt CDA-Kamerlid Henk Jan Ormel. De grootste regeringspartij wil een stokje steken voor de import van het zebravisje en nieuwe exotische uitvindingen. ,,In Nederland is het niet toegestaan deze dieren genetisch te veranderen, maar de invoer ervan kan alleen worden verboden als de dieren echt gevaar opleveren voor het milieu. De Cogem, de organisatie die dat moet beoordelen, vindt dat daar geen sprake van is’’, zegt Ormel met spijt in zijn stem. Want een antwoord wordt niet gegeven op de principiële vraag of genetisch gemanipuleerde dieren in Nederland mogen worden ingevoerd. Ormel wil daarom dat minister Veerman (Landbouw) de import verbiedt. Wat Ormel betreft, geldt zo’n verbod niet alleen voor genetisch gemanipuleerde huisdieren, maar voor alle dieren die worden gefokt voor `vermaak, sport en voedselproductie’. ,,Wij vinden dat niet alles wat kan, ook moet kunnen. Moeten we straks turbopaarden maken die honderd kilometer per uur kunnen rennen, of reuzenzalmen van honderd kilo? Er moeten duidelijke ethische grenzen worden gesteld aan dit soort uitvindingen. Anders krijgen we een wel heel maakbare samenleving’’, vreest Ormel, behalve Kamerlid ook dierenarts. En de GloFish is wat hem betreft domweg overbodig. Ormel: ,,Ik ben zelf een aquariumliefhebber. Wie een lichtgevend visje wil hebben kan een neon tetra kopen. Dat is een van de oudste aquariumvissen, die van nature licht geeft. Als we al zo’n visje hebben, waarom moeten we er dan zo nodig nóg eentje uitvinden?’’ (Bron: Algemeen Dagblad, 06 december 2003) Antwoord van de minister van LNV op vragen van kamerlid H.J. Ormel (CDA)(30 januari 2004) Geachte Voorzitter, Mede namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) bied ik u de antwoorden aan op de vragen van het lid Ormel (CDA) inzake een mogelijk genetisch gemanipuleerd huisdier. 1. Hebt u kennisgenomen van de Glofish, het eerste genetisch gemanipuleerd huisdier? Ja. 2 .Wat vindt u van genetische manipulatie van dieren voor vermaak en commercie? Ik sla de ontwikkeling van genetische modificatie van dieren voor vermaak, maar ook voor voedselproductie en sport met bezorgdheid gade. Genetische modificatie van dieren is moreel problematisch. Daarom heeft de wetgever in de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD) het zogenaamde ’Nee, tenzij-beleid’ opgenomen. Voordat ik een vergunning verleen voor genetische modificatie van dieren in Nederland, dient te zijn aangetoond dat de genetische modificatie een substantieel maatschappelijk belang dient en er geen reële alternatieven zijn. Gezien deze criteria, lijkt het niet waarschijnlijk dat specifieke aanvragen voor genetische modificatie van dieren ten behoeve van vermaak in aanmerking komen voor een vergunning. Overeenkomstig het antwoord op vragen van de leden Ormel en Atsma inzake transgene koeien in Nieuw Zeeland (TK vergaderjaar 2002-2003, nr. 976), acht ik het echter niet mogelijk om in algemene zin een ethisch oordeel te geven over de aanvaardbaarheid van genetische modificatie van dieren ten behoeve van welke toepassing dan ook. Een ethisch oordeel kan alleen worden gegeven over een specifieke case, waarvan alle risico’s, voor- en nadelen in kaart zijn gebracht. Ook de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid pleit in zijn recente rapport ’Beslissen over biotechnologie’ voor een deugdelijke context gebonden ethische afweging in concrete situaties. Genetische modificatie van dieren in Nederland wordt dan ook case-by-case beoordeeld. 3. Kunt u de import van de Glofish verbieden als blijkt dat deze vis geen gevaar voor het milieu zal opleveren? Zo ja, op welke wijze? Nee. De toelating van genetisch gemodificeerde organismen en producten die daarvan afkomstig zijn, is geregeld op EU-niveau. De Glofish kan op grond van richtlijn 2001/18/EG op de EU-markt worden toegelaten als er geen onaanvaardbaar risico is voor mens en milieu. Als de Glofish daadwerkelijk wordt toegelaten tot de EU-markt, moet de verkoper op grond van EU-verordening 1830/2003 duidelijk vermelden dat de vis een genetisch gemodificeerd organisme is. Deze eis stelt de consument in de gelegenheid om zelf een bewuste afweging te maken bij het kopen van de siervis. 4. Bent u bereid initiatieven te nemen om genetische verandering van dieren voor sport, vermaak en voedselproductie te verbieden? Het ’Nee, tenzij-beleid’ waarborgt dat er geen ethisch onaanvaardbare biotechnologische handelingen bij dieren in Nederland worden verricht. De toetsing van aanvragen voor een vergunning biotechnologie bij dieren draagt bij aan het verkennen van de grenzen van ethisch aanvaardbaar biotechnologisch handelen met dieren. Naar verwachting kunnen op termijn aan de hand van ervaringen opgedaan met de individuele toetsingen bepaalde biotechnologische handelingen met dieren voorgoed verboden worden, dan wel worden uitgezonderd van de vergunningsplicht. 5. Bent u bereid initiatieven te nemen om de import van dieren die genetisch veranderd zijn voor sport, vermaak of voedselproductie te verbieden? 6. Binnen welke termijn worden deze initiatieven genomen? Aan een nationaal importverbod kleven Europeesrechtelijke aspecten van handelsbelemmering. Het kabinet stelt in zijn nota ’Verantwoord en zorgvuldig toetsen’ van juli 2003 dat daar waar Nederland gebonden is aan Europese normen, de overheid morele aspecten van nieuwe biotechnologische ontwikkelingen aan de orde zal stellen binnen Europa. In relatie tot genetische modificatie van dieren voor voedselproductie, vermaak en sport heeft de overheid reeds initiatieven genomen en zal zo nodig nieuwe initiatieven nemen om de morele aspecten van genetische modificatie van dieren voor voedselproductie, sport en vermaak op de Europese agenda te zetten. In het geval dat er een aanvraag wordt ingediend voor toelating tot de markt van een genetisch gemodificeerd dier ten behoeve van voedselproductie, vermaak of sport zal ik gezamenlijk met de staatssecretaris van VROM de Europese Commissie verzoeken de Europese Groep ethiek van de exacte wetenschappen en nieuwe technologieën te raadplegen ten aanzien van de relevante ethische aspecten. Richtlijn 2001/18 inzake de doelbewuste introductie van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu geeft hiertoe de mogelijkheid. Ik heb reeds medio 2003 mede namens de staatssecretarissen van VWS en VROM de Voorzitter van de Europese Commissie verzocht een studie te verrichten naar de ethische aspecten van genetische modificatie van dieren ten behoeve van voedselproductie. Inzicht in de ethische aspecten zal naar onze mening bijdragen aan het structureren van een constructieve maatschappelijke dialoog en coherente beleidsvorming ter zake in Europees verband bevorderen. De Voorzitter, de heer Prodi liet mij weten dat hij zich zeer bewust is van het belang van het onderwerp, maar geen aparte studie zal laten verrichten. In het kader van de herziening van richtlijn 86/609/EEG over de bescherming van proefdieren heeft de minister van VWS bij de Europese Commissie gepleit om een bepaling met betrekking tot ethische toetsing op te nemen in de richtlijn. Indien de ethische toetsing wordt opgenomen in de richtlijn, betekent dit dat alle dierproeven die in de EU worden verricht, inclusief proeven waarbij genetisch gemodificeerde dieren worden vervaardigd, een vorm van ethische toetsing moeten ondergaan. Dit waarborgt dat genetische gemodificeerde proefdieren die in andere EU-lidstaten zijn vervaardigd en vervolgens in Nederland worden geïmporteerd, ethisch getoetst zijn. Ook op het gebied van multilaterale samenwerking zal ik bezien welke mogelijkheden er zijn om ethische overwegingen te betrekken bij discussies over het ontwikkelen van normen. Begin 2003 is in de Task Force Biotechnology van de Codex Alimentarius het belang benadrukt om ethische aspecten mee te nemen in de discussie over genetisch gemodificeerd voedsel. De departementen die bij de Codex Alimentarius betrokken zijn, zullen deze discussie actief blijven ondersteunen. De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, dr. C.P. Veerman
^ terug naar boven |
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten Vissenbescherming. | |