| Schaal- en schelpdieren
Pijnervaring

Het wetenschappelijk onderzoek naar bewustzijn, gevoel en pijn bij ongewervelde dieren geeft nog geen eenduidig, algemeen aanvaard antwoord op de vraag of alle ongewervelde dieren pijn kunnen ervaren. Dat komt in de eerste plaats, omdat het een zeer grote groep van meer dan 1,3 miljoen onderling zeer verschillende diersoorten betreft. Het aantal gewervelde diersoorten bedraagt daarentegen ’slechts’ ruim 46.000. Er is verder ook nog geen omvangrijk onderzoek hiernaar gedaan. Uit de resultaten van het tot nu toe verrichte onderzoek blijkt echter al wel dat bij ongewervelden sprake kan zijn van pijnbeleving, bewustzijn, leervermogen en geheugen.
Al in een artikel van G. Fiorito, ’Is there ’pain’ in Invertebrates?’ (Behavioural Processes 12 (1986) 383-388) wordt uit de overeenkomst tussen de reacties van ongewervelden en gewervelden op negatieve prikkels (vluchtgedrag bijvoorbeeld), en uit de aanwezigheid van opioïde stoffen in deze dieren geconcludeerd dat invertebraten in zekere mate over een pijnsysteem beschikken (’makes it possible to conclude that some pain system has appeared in Invertebrates’)(386). Ook in meer recent onderzoek zoals het rapport Sentience and Pain in Invertebrates (2005) en in Cephalopods and Decapod Crustaceans - Their capacity for experiencing pain and suffering (2005) wordt deze conclusie getrokken.
Dat is niet zo verwonderlijk want indien dieren voor hen schadelijke factoren niet via pijnprikkels als onaangenaam zouden ervaren, zouden zij waarschijnlijk geen dag overleven.
Een serieuze aanwijzing dat ongewervelde dieren pijnervaringen kennen, is de aangetoonde aanwezigheid van opiumachtige (opioïde) stoffen in hun lichaam. Opioïden komen in het lichaam van gewervelden voor, ook van de mens, en zorgen ervoor dat de pijn wordt verzacht of zelfs helemaal wordt weggenomen. De toediening van opioïden bij ongewervelden veroorzaakt hetzelfde effect, zoals blijkt uit een reeks van experimenten bij slakken, garnalen, wormen en insecten. De grenzen tussen ongewervelde en gewervelde dieren zijn dus niet zo strikt.
We moeten er dus ernstig rekening mee houden dat de bekende door de mensen geconsumeerde ongewervelde dieren zoals kreeften, krabben, garnalen, mosselen en inktvissen pijn kunnen ervaren. Dat betekent dat deze dieren met de grootste zorgvuldigheid behandeld dienen te worden. De gangbare dodingsmethoden zoals het levend koken zijn om deze reden ethisch niet verdedigbaar. Ze zullen door andere, meer diervriendelijke methoden vervangen moeten worden, waarbij de hersenen of het zenuwstelsel van de dieren zo snel mogelijk uitgeschakeld dienen te worden. In het rapport Cephalopods and Decapod Crustaceans - Their capacity for experiencing pain and suffering (2005) wordt geadviseerd om de inktivssen en schaaldieren wettelijk tot de met respect te behandelen dieren te rekenen en ze te verdoven voordat ze gedood worden. Dat laatste kan door middel van een sterke afkoeling of, nog beter, door middel van electrokutie. In diverse landen zoals Engeland, Noorwegen, Australië en Nieuw-Zeeland bezitten schaaldieren en inktvissen al de status van dieren. De staat New South Wales in Australië stelt in haar richtlijnen voor het doden van schaaldieren dat pijn en en lijden dienen te worden vermeden en adviseert afkoeling tot onder 0 graad celsius voorafgaand aan doding.
^ terug naar boven |
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten Vissenbescherming. | |